centraal telefoonnummer
0900-2020643
SPOEDGEVAL?
Groepspraktijk Dierenartsen Apeldoorn op Facebook Groepspraktijk Dierenartsen Apeldoorn op Twitter registreer uw e-mailadres

parasietenbestrijding bij vogels


Voor het bestrijden van parasieten bij vogels zijn er effectieve sprays bij de praktijk te verkrijgen. De sprays werken meestal tegen allerlei insecten (mijten, luizen, teken, vlooien, spinnen, vliegen, muggen etc.). Het doodt de volwassen insecten en zorgt ervoor dat de eieren, larven en jonge insecten niet volwassen worden. De insecten moeten contact maken met het middel. Dit gebeurt als ze over de gesprayde veren of over de behandelde omgeving kruipen maar ook als ze huid, vacht of verenschilfers eten.

De sprays zijn veilig voor gebruik op de vogel en kunnen daarnaast ook effectief worden gebruikt voor de omgeving, de kooi, volière of de wanden van een kippenhok, zitstokken en plafonds, in het strooisel, de bodembedekking. Voer en waterbakken dienen te worden afgedekt of weggehaald.

Verschillende soorten parasieten bij vogels:
 
Veel voorkomende parasieten zijn luizen die in de veren zitten en irritatie en veerschade veroorzaken. Deze ‘lange veerluis’ is goed met blote oog zichtbaar; donkere streepjes op de staart en vleugelveren van ongeveer 2-3 mm lang. De luizen kruipen meestal snel weg omdat de meeste luizen lichtschuw zijn.
 
Als vogels veel luizen hebben is het verstandig om verder onderzoek te doen daar een uitbraak meestal door een terugval in conditie en onderliggende ziektes wordt veroorzaakt (zoals coccidiose, wormen, bacteriele infecties, slechte huisvesting, deficiënte voeding).
 
Schachtmijten zijn heel klein; kleiner dan 1 mm, en kun je alleen zien als je de veer tegen het licht houd. Daarbij zie je de mijten tegen de schacht van de veer zitten (zie foto). Schachtmijten komen veel bij duiven voor maar ook bij andere vogels.
 
Veel van die kleine kippenhokjes in de tuin kunnen het beste reeds in het vroege voorjaar en daarna in de zomer worden gesprayd om een uitbraak van rode bloedluis (is een mijt maar wordt in de volksmond luis genoemd) te voorkomen. Ook bij kwekers van kleine vogels zoals kanaries en tropen is het een veel voorkomend probleem. Tijdig sprayen, ruim voor broedseizoen of ruim voor de zomer, en herhalen na 6 weken is de beste oplossing om uitbraken te voorkomen.
 
De ’rode bloedluis’ is eigenlijk geen luis maar een mijt en wordt ook wel rode bloedmijt genoemd. Deze parasiet is kleiner dan 1mm maar nog wel met het blote oog zichtbaar en heeft 8 pootjes. De kleur varieert van rood tot grijsbruin naar kleurloos al naar gelang of ze bloed hebben gezogen. Per dag worden 5-10 eitjes gelegd en bij de juiste temperatuur en luchtvochtigheid komen deze binnen 1-2 dagen uit. Ze leven tot 6 maanden en kunnen lang (maanden) zonder voedsel. Alleen echte vorst overleven ze niet goed. Ze zijn zeer lichtschuw en overdag verstoppen zij zich in naden en kieren. In de nacht zoeken ze de vogels op die dan rustig op stok of op het nest zitten te slapen en zuigen bloed. Daarom zien eigenaren ze vaak niet en denken er ook niet aan tot de vogels zeer slecht zijn of helemaal onder zitten. In ernstige gevallen kunnen ook eigenaren zelf irritaties krijgen op de huid. Volwassen vogels maar vooral ook de jonge vogels die in de nestjes liggen zijn gevoelig. Vaak zijn de klachten die een eigenaar noemt dat de vogels ‘het niet goed doen’, af en toe sterfte en vooral ook op de nesten en jongen. Soms zie je andere secundaire bacteriële of virale infecties. Uiteindelijk bloedarmoede en sterfte.
 
Naast de gewone rode bloedmijt is er ook de Noorse bloedmijt. Deze Noorse mijt zit ook overdag op de vogels. Met het blote oog is voor de leek geen verschil te zien.
 
Mijten worden via andere vogels maar ook via materiaal binnen gebracht. Bijvoorbeeld via transportkistjes, nestkastjes etc. Het is dus verstandig om deze ook te sprayen. Luizen en mijten kunnen overigens ook weer andere ziektes overbrengen.
 
Overige opmerkingen met betrekking tot de insectensprays:
Deze sprays niet gebruiken bij katten, die zijn gevoelig voor het middel omdat ze de stof in het lichaam niet kunnen afbreken en uitscheiden.

Beperkingen van insectensprays:
Niet gebruiken bij jonge dieren vanwege de moeite met afbreken van de stoffen in het lichaam als ze die binnen krijgen. Hun organen, lever, nieren, werken nog niet optimaal (vogels tot na het uitvliegen, zoogdieren tot na het spenen). Ze mogen alleen als het echt noodzakelijk is en in een lage doseringen behandelt worden.

Ook niet gebruiken vanaf 1 maand voor dat de vogels eieren leggen. Dit vanwege ophoping van het middel in het ei waardoor de uitkomst percentages lager kunnen zijn. Maar wederom, als het echt nodig is kan het worden gebruikt onder dit voorbehoud (“als het middel niet erger is dan de kwaal”).

 terug naar info-ABC